nl-nl
De echte waarde van spullen
PDFAfdrukkenE-mailadres

1. Start

Elke week krijg ik zakgeld. Ik kan zelf beslissen wat ik daarmee doe. Koop ik elke week iets kleins? Zal ik sparen voor een xbox? Voor een xbox moet ik wel heel lang sparen. Vaak geef ik mijn zakgeld snel uit. Ik koop snoep of ga naar de film.
Mijn zus is over twee weken jarig. Van mijn zakgeld moet ik ook kado’s kopen. Ik kreeg van haar een duur spelletje voor mijn verjaardag. Kan ik twee weken zakgeld sparen? Dan kan ik misschien wat leuks kopen. Maar wat? Mijn zus is een beetje vreemd. Ze vindt het milieu heel erg belangrijk. Ze eet geen vlees. Ze heeft bijna geen spullen van plastic. En ze is lid van Greenpeace.

2. Inleiding

_introduction_vasarlasHoe lang ben je al aan het sparen voor een nieuwe telefoon? Welke telefoon ga je kopen? Heb je die gezien op tv of in een reclamekrantje?

Reclame maakt je lekker voor nieuwe dingen.
Hoe blij ben je als je eindelijk je nieuwe telefoon kan kopen?

 

 

3. Opdracht

_task_elefantMet deze webkwestie onderzoek je hoe lang je blij blijft. Je wordt blij van je nieuwe telefoon. Maar hoe lang blijf je blij?
Wanneer is het tijd om een nieuwe telefoon te kopen?

Maakt spelen met je vrienden je blij? Hoe lang blijft het blije gevoel?

 

 

 

 

 

4. Verwerking

Activiteit 1 Wat maakt jou blij ?

1a) Wat heb je nodig om blij of gelukkig te zijn? Dat kan een voorwerp zijn. Bijvoorbeeld je telefoon.
Het kan ook een gebeurtenis zijn. Of een persoon. Vul de eerste vraag van het werkblad in.

1b) Neem het werkblad mee naar huis en maak daar de tweede vraag.

1c) Bespreek de derde vraag op school.

 
Activiteit 2 Hoe lang blijf je blij met iets?

Hoe lang blijf je blij met de nieuwste mobiele telefoon? Na 4 maanden is een nieuwer model uit.
Ben je dan nog steeds blij? Of koop je het nieuwste model?

2a) Vul vraag 1 van het werkblad in. De tijdsduur waarop je blij blijft kan heel erg verschillen. 

2b) Vergelijk je resultaten met die van je groepsgenoten. Maak vraag 2 en 3 van het werkblad.


Activiteit 3 Hoe blij ben je met iets?


Je helpt een oude dame de straat oversteken. Je hebt een goede daad gedaan. Daar wordt je niet echt heel blij van. Misschien ben je wel trots op jezelf.
Je wordt veel blijer van je nieuwe telefoon.

3a) Vul in op het werkblad hoe blij je bent als je iets koopt of doet.

3b) Hoe blij ben je een week later? Gebruik een andere kleur om dit in te vullen.

3c) Bespreek de resultaten met je groepsgenoten.

3d) Is er een verband tussen hoe blij je je bent met je telefoon en hoe lang je blij blijft met je telefoon?

Activiteit 4 Heb je alles wat je koopt nodig?

_activity4_satrazasJe gaat een week kamperen. Je loopt van plek naar plek. Op de meeste plekken is een sloot of meertje. Er zijn niet altijd douches.
Je vader heeft een beetje last van zijn rug. Normaal draagt hij het grootste deel van de spullen. Je rugtas is daarom veel zwaarder dan bij de vorige kampeertocht.
Wat zou je voor spullen meenemen?

4a) Vul het werkblad in.

4b) Bespreek de resultaten met je groepje.

4c) Waarom heb je bepaalde dingen niet meegenomen?

5. Beoordeling

Het is leuk om terug te kijken hoe goed je de opdrachten hebt gemaakt. Je kunt jezelf beoordelen. Daarvoor gebruik je dit formulier .

6. Afsluiting

_conclusion_boldogsag_1Ken je het spreekwoord ‘Geld maakt niet gelukkig’ ? Wat betekent het?
Mensen die arm zijn kunnen toch gelukkig zijn. Rijke mensen kopen veel meer spullen. Blijkbaar zijn spullen niet altijd nodig om blij of gelukkig te zijn.
Vrienden, familie, sporten en nieuwe dingen leren zijn belangrijk voor je geluk. Geld deze uitkomst ook voor jouw groepje?

 

 

 

 

7. Leerkracht

Klik hier voor de docentenhandleiding.